Als u gebruik maakt of wilt gaan maken van een waterontharder moet u met een aantal zaken rekening houden. Bijvoorbeeld bacteriegroei die de waterkwaliteit negatief kan beïnvloeden. Elke bewerking van kraanwater kan namelijk risico’s opleveren. Door goed onderhoud en beheer kunt u dit zoveel mogelijk voorkomen. Ook zijn er voorwaarden verbonden aan de wijze waarop de ontharder is aangesloten. Wij geven hier meer uitleg.
 
Wat is een ontharder

Een waterontharder is een stof of een apparaat waarmee de hardheid van water verminderd kan worden. Dit heet waterontharding.

De hardheid van water wordt bepaald wordt door de in het water aanwezige calcium- en magnesiumionen. Een waterontharder is een stof die die ionen chemisch aan zich bindt en laat neerslaan/ bezinken. Het kan ook een stof zijn die die ionen vervangt door een andere stof, bijvoorbeeld natrium. Een voorbeeld van zo'n stof is ionenwisselaarhars.

Waterontharders zijn ontstaan rond het jaar 1900. Met de techniek van ionen uitwisselen haalde men schadelijke en ongewenste stoffen uit het water, waardoor het beter drinkbaar was. Deze techniek is verbeterd in de 20e eeuw, maar wel hetzelfde gebleven.

Regels voor installatie

Voor het plaatsen van een ontharder bestaan voorwaarden. Een paar van de regels waar u aan moet denken zijn:

- Bij een ontharder op basis van ionenwisseling kan het water vervuild zijn door de ontharder. Dit water mag niet terugstromen in het drinkwaternet. Daarom is een terugstroombeveiliging van het type CA nodig.
- De afvoerleiding van de installatie moet via een zichtbare onderbreking op de riolering worden aangesloten.
- Voor ontharders met een verwisselbaar filter is een controleerbare keerklep van het type EA wettelijk verplicht.

Denk er ook aan dat een ontharder kan zorgen voor drukverlies van ongeveer 70 kPa (0,7 bar). Dit betekent dat de waterdruk op kranen en douche afneemt.